Goede Voornemens, en wat ze ons over onszelf vertellen

Opinie | 3 januari 2017 | annejan

Misschien heb jij ze wel; goede voornemens. Misschien hebben je leerlingen ze ook wel: vanaf nu ga ik op tijd naar bed en maak ik al mijn huiswerk. Veel van die goede voornemens verraden onze mindset. Ze verraden ook onze verwachtingen van het leven. En van onze rol daarin.

Top 10

In de top 10 van meest voorkomende goede voornemens vinden we een aantal zaken die gaan over wat we willen doen of bereiken. Zo staan ‘sporten’, ‘afvallen’, ‘stoppen met roken’ en ‘minder drinken’ steevast in dat lijstje. Zaken die gaan over gewoonten die we hebben aangeleerd en we onszelf ook weer graag zouden afleren. Dingen (minder) doen maakt dus regelmatig deel uit van onze voornemens.

goede voornemensDaarnaast staan ook zaken als ‘goede vader/moeder/partner zijn’, ‘ontstressen’ en ‘een studie oppakken’ in het lijstje. Dat zijn zaken de we zouden willen bereiken, doelen die we onszelf stellen.

Bij die lijstjes wordt vrijwel nooit vermeld waarom we deze dingen willen. Ik ben er van overtuigd dat een diepe drijfveer van ons allen is dat we denken dat we ons gelukkiger gaan voelen, als we deze dingen doen of bereiken. Dat we denken dat mensen anders naar ons gaan kijken als we in een strak lijf zitten. Dat mensen ons meer gaan waarderen als we ontspannen zijn en tijd hebben voor de mensen om ons heen. Dat we op bewondering mogen rekenen uit de omgeving als we een studie afronden. Of als we, als gevolg van die studie, een nieuwe baan krijgen.

We denken dat de dingen die we doen invloed hebben op wie we zijn of wie we denken te zijn. In dit filmpje veegt Jim Carrey op onnavolgbare wijze de vloer aan met deze opvatting. Hij heeft veel gedaan en veel bereikt, maar vraagt zich hardop af wat de waarde daar van is.

Mijn mindset

Hoe snel denk ik niet dat ik ben wat ik doe? Of dat ik ben wat ik heb? Of dat ik ben wat ik heb bereikt?

Gaan mijn goede voornemens er niet eigenlijk van uit dat ik op dit moment niet goed genoeg ben? Ik ben leraar, maar zou graag directeur willen zijn. Ik ben zwaar, maar zou eigenlijk afgetraind willen zijn. Ik ben op mezelf gericht, maar zou eigenlijk socialer willen zijn. Ik ben….

In onze taal zit het al ingebakken: we zeggen ‘ik ben’ waar we eigenlijk ‘ik heb’ of ‘ik doe’ zouden moeten zeggen. Ik ben geen leraar, ik geef les. Ik ben niet dik, ik heb veel lichaamsvet. Ik ben niet op mezelf gericht, ik richt me op mezelf.

En eerlijk, is dit ook niet ook hoe we onze leerlingen benaderen? Jij bent een zorgleerling? Jij bent een plus-leerling? Jij bent goed in lezen? Jij bent een onderbouw-er? Jij bent slim?

Is dit niet ook hoe we onze leerlingen leren kijken naar elkaar en de wereld? Hij is niet aardig? Geert Wilders is dom (of heel slim)? Asielzoekers zijn zielig? Vluchtelingen zijn gelukszoekers? Rijke mensen zijn succesvol?

Onze taal zit er vol mee. Ons denken ook. En zelfs met iets sympathieks als onze goede voornemens programmeren we een beeld van onszelf of van de ander.

Goede voornemens

Vanaf nu let ik goed op of ik mezelf en de ander recht doe. Ik ben zorgvuldig in mijn taal, maar vooral zorgvuldig in mijn denken. Iemand is geen autist, maar heeft een autisme spectrum stoornis. Een leerkracht is niet bang, maar heeft niet het vertrouwen dat hij om kan gaan met een verandering. Een school is niet ‘zeer zwak’, maar heeft moeite z’n kwaliteit te borgen.

Of, zoals in het filmpje hierboven, ik ben niet zwart en jij bent niet blank.

Ik zal er zijn dit jaar en ik ga er van uit dat ik iedere dag een beetje meer ontdek wie ik dan ben. Dat wens ik jou ook toe. En je leerkrachten. En je leerlingen. En hun ouders.

Ik wens je een prachtig en leerzaam 2017!

Discussieer mee